Daan van Golden

RKD STUDIES

3. Concepten

Daan van Golden in gesprek met Hans Janssen over concepten die een rol spelen in zijn werk


Reflectie
De reflectie die ontstaat door glas voor een werk te zetten, maakt het werk meer gelaagd. Bij plexiglas, dat Van Golden ook al gebruikte voor de eerste, bij Felix Valk getoonde versie van het gele monochroom bijvoorbeeld, is de helderheid veel groter dan glas zou kunnen geven. De reflectie is meer freaky. Plexiglas vertekent anders dan glas, omdat het soepeler is. Bij het gele monochroom ging het hem aanvankelijk veel meer om de vertekening dan om de helderheid. In de jaren tachtig ging Van Golden plexiglas vooral gebruiken vanwege de grote helderheid.1

Al-Ghazzali
Het verhaal over de Grieken en de Chinezen dat Van Golden in 1968 vertelde aan Carel Blotkamp, was hij zelf tegengekomen tijdens zijn verblijf in Londen in 1967. Hij woonde daar eerst aan Eaton Place (heel chique), toen aan 69 (?) Knightsbridge, waar hij de muren en de webbingmeubels in hetzelfde blauw lakte als White Painting, en daarna aan Brompton Road, in de buurt van het Victoria & Albert Museum. Hij was in die tijd erg bezig met numerologie, vermeed buslijnen met bepaalde nummers, koos bij Chinese restaurants gerechten op grond van het nummer en werd bij de British Library, waar hij boeken op het gebied van de numerologie wilde lenen, apart genomen en ondervraagd over zijn bedoelingen. Men waarschuwde Van Golden dat het gevaarlijk was zich in de wereld van de numerologie te begeven. In die tijd stuitte hij ook op het boek The Alchemy of Happiness [ zie ook volledige tekst op Wikisource] van de Soefi wijsgeer Al-Ghazzali, waarin de allegorie van de Grieken en de Chinezen is opgenomen. Van Golden mag het verhaal, vooral ook omdat het zo vreemd is Grieken en Chinezen tegen elkaar in competitie te laten treden, en ook mag hij graag de ene keer de Grieken, dan weer de Chinezen laten winnen omdat op die manier de boel een beetje in evenwicht blijft.2

1
Daan van Golden
Gele reflectie, 1968 gedateerd
Private collection


Geschenk
De Mozart zoals in Schiedam, 1976-1986 ontstond doordat Van Golden in 1976 het profiel van Mozart schilderde met blauwe tempera verf op een los opgespannen doek, zoals gebruikelijk met een klein penseel. Halverwege ontdekte hij dat hij niet genoeg verf had aangemaakt, waarna hij de verf steeds dunner opbracht, eindigend bij de halspartij met nauwelijks zichtbare streken van een bijna droge kwast met sterk verdunde verf. Hij wist niet goed wat hij verder met het schilderij moest. Wat later maakte hij een foto van het eigenlijk mislukte schilderij (voordat hij het vernietigde). Bij het uit het toestel halen of bij het ontwikkelen is er iets gebeurd met de film dat het beeld langs de onderzijde deed oplichten en het hele beeld van kleur veranderde en transformeerde en zo het beeld een extra dimensie gaf. Van Golden aanvaardde dit gegeven als een geschenk.3

2
Daan van Golden
Mozart, 1978 gedateerd
Den Haag, Kunstmuseum Den Haag, inv./cat.nr. 1005084


Toevallig
Op sommige schilderijen uit de Japanse jaren zitten goudspetters die daar min of meer toevallig terecht lijken te zijn gekomen. Van Golden noemt het ‘sporen van het werkproces’ die niet gezien moeten worden als slordigheden of onbedoelde elementen.4

3
Daan van Golden
Groene ruit, 1978 gedateerd
Amsterdam, Instituut Collectie Nederland, inv./cat.nr. BK55217


4
Daan van Golden
Kompositie rood/wit, 1964 gedateerd
Private collection

5
Daan van Golden
Fujiya, 1964 gedateerd
Rotterdam, Museum Boijmans Van Beuningen, inv./cat.nr. Stad-S 139


Studie ‘86, 1986
Studie ‘86, 1986, lakverf op doek, potlood, op triplex (coll. Museum Boijmans Van Beuningen). Het doek is bij het verlijmen (met gewone houtlijm) op het triplex tenminste drie centimeter gekrompen in verticale richting. Vandaar de abusievelijke zaagsnede langs de onderzijde, omdat Van Golden pas tijdens het zagen tot de ontdekking kwam dat er sprake was van krimp. Door de krimping van het doek is de lakverf over bijna het hele beschilderde oppervlak plaatselijk losgekomen, in horizontale richting blazen vormend die hier en daar ook lacunes vormen. Van Golden vindt dit niet erg, integendeel: hij acht het een geschenk van de goden. Ook de baan links, die met minder goed dekkende Hema-grondverf is geschilderd, draagt wezenlijk bij aan de geslaagdheid van het werk. Het zijn, aldus Van Golden, de ‘vitamines die het schilderen soms een impuls geven’.

Het schilderij ontstond voor de presentatie die Van Golden in 1986 voorbereidde in de Oude Bibliotheek te Rotterdam onder de titel '4 Keuzen', waarvoor hij gevraagd was door directeur Wim Crouwel van Museum Boijmans Van Beuningen. Het idee voor het schilderij kwam van een ansichtkaart die Van Golden kocht tijdens een reis naar Griekenland voor de inrichting van 'Modern Dutch Painting' in het Alexander Soutzos Museum te Athene. Hij maakte een trip naar de tempel van Poseidon in Sounion. Daar kocht hij ook een ansicht van de tempel, bij ondergaande zon. Terug in Athene ontdekte hij de stramme, hoog opgerichte vogelachtige gedaante die gevormd wordt door de ruimte tussen de zuilen. Deze contour vormde de aanleiding voor het schilderij. Het zwart schilderde Van Golden in één laag.

De lijst is een absoluut wezenlijk onderdeel van het werk en kan niet zomaar worden vervangen. Dit werk is zeer fragiel, en kan naar de mening van Van Golden alleen langer worden behouden door het nimmer te laten reizen. In 2003 vroeg Van Golden het werk voor de tentoonstelling in Lyon in bruikleen. Het is in perfecte toestand teruggekeerd in het Boijmans.

Hij hecht er ook aan te onderstrepen dat het een zeer belangrijk werk binnen zijn oeuvre is. Vogels, 1986, triplex, ingelijst achter glas (coll. Museum Boijmans Van Beuningen) ontstond uit dezelfde plaat als waarop Studie ‘86 is verlijmd. Bij het kopen van het triplex voor dit laatste werk bleek er materiaal over te zijn dat Van Golden mee naar huis nam. Thuisgekomen ontdekte hij de vogels die in de kwasten van het geschilde hout schuilen. De rest kwam vanzelf.5

6
Daan van Golden
Studie ´86, 1986 gedateerd
Rotterdam, Museum Boijmans Van Beuningen, inv./cat.nr. 3143 (MK)


Ordening
Van Golden herinnert zich dat hij na zijn terugkeer uit Japan in het atelier op de Lange Haven in Schiedam behoefte kreeg de abstracte, expressionistische werken in zwart en wit die tegen de wand van het atelier gestapeld stonden aan het oog te onttrekken. De schilderijen stonden van groot naar klein tegen de muur gestapeld, als een blok. Hij heeft toen het hele blok met witte HEMA-grondverf overschilderd, waardoor de kleinere formaten uitsparingen vormden op de grotere werken, die soms heel verrassend werkten. De idee van ordening die er uit sprak kan hem nog enthousiast maken. Al deze werken zijn later vernietigd. Soms moet Van Golden nog wel aan deze situatie denken.6


Blauw - Mick Jagger, 1967
Mick Jagger, 1967, zeefdruk op papier (Museum Boijmans Van Beuningen) is in Londen gedrukt, op basis van een fragment van een foto uit Muziek Express. Cadeau gegeven aan Hans Sonnenberg zonder wiens bewaarzucht het werk zeker niet meer zou hebben bestaan. Deze heeft de prent verkocht aan Jan van Adrichem. Louis Daemen heeft hem vervolgens opgespannen en Paul Beckman heeft de lijst verstek gezaagd. Daan voorzag de lijst van de kleur blauw, die vrijwel overeenkomt met het blauw van de prent. Het resultaat is perfect. Op de jeugdbiënnale van Parijs (1967) toonde Van Golden hetzelfde motief, met een identiek formaat, gezeefdrukt in zwart op linnen op paneel (zonder glas). Dit werk is later in stukken gezaagd. De kleur blauw was in Londen een tijd lang zeer belangrijk voor Van Golden. Hij maakte ook een zeefdruk van Wales Picture (alleen proefdrukken overgebleven; de gedrukte editie haalde Van Golden nooit op bij de drukker) in dezelfde kleuren en ook het portret van Willy van Rooy dat op de Documenta van Kassel hing had dezelfde kleur blauw. Van Golden lakte ook de muren van het appartement in London (gehuurd, gemeubileerd) blauw, inclusief de canvas stoelen die het sierden, in het blauw dat Van Golden gebruikt had voor de achtergrond van White Painting. Het motief toont niet het hele beeld van Mick Jagger. De rock & rollzanger was in het muziektijdschrift afgebeeld, gevat in een medaillon. Van Golden nam het hoofd en een deel van de schouders waarover Jagger losjes een bontjas draagt die een avondlandschap suggereert, waarover Van Golden nog steeds verguld is.7


Blauwe studie naar Matisse, 1982
Blauwe studie naar Matisse uit 1982, olieverf op doek, in vergulde lijst achter perspex (Museum Boijmans Van Beuningen) werd gemaakt bij gelegenheid van de tentoonstelling in het Boijmans Van Beuningen in 1982. De getemperd blauwe kleur is familie van de kleur die Van Golden in de jaren zestig al bezig hield. Daarnaast is de kleur er ook vooral op gericht, aldus Van Golden, om in combinatie met de spiegeling van het glas een ‘etherische reflectie’ op te leveren. Het werk werd geschilderd met Van Gogh Olieverf in een mengsel van wit en ultramarijn. Het linnen kwam van Artel en heeft die merkwaardige gradaties in blauwgrijze tinten die het wit van de grondering verlevendigt. Door het gesloten grijze oppervlak lijkt de blauwe verf op het oppervlak te zweven. Het blauw werd geschilderd in één sessie, in één laag, werkend van boven naar beneden, met een smal penseel in een korte toets.8


Naschilderen
In de studio van Toho ging hij olieverfschilderijen maken, in de zwart-witte abstract expressionistische stijl waarin hij werkte voor zijn vertrek naar Japan. Deze werkwijze kon hem steeds minder boeien. Het leek er angstig veel op dat het met de kunst voorbij was. In het atelier van Toho vond hij een stukje Japans pakpapier waarvan hij besloot het rood-witte motief te gaan naschilderen. Dat bracht hem op een totaal andere opvatting van schilderkunst. Het gaf veel bevrediging. Het grote verschil was dat je niet meer zoekende was tijdens het schilderen (naar compositie), maar voorafgaande aan het schilderen. En dat dit zoeken eigenlijk vooral een vinden werd. De beslissing ging vooraf aan het schilderen en de uitvoering werd een ontspannen en meditatieve bezigheid. Dit eerste werk is verloren gegaan, omdat het technisch – door het gebruik van olieverf – onvolkomen was. Later is het in viervoud opnieuw gemaakt, in lakverf (coll. Van Maurik, Lens, Nagelkerke, RCE?). Andere werken die tot die vroegste periode horen, zijn SZ 28031 (coll. RCE) (dat tot een van de allervroegste hoort; dat is te zien aan het paneel dat nog vrij primitief en zelf gemaakt is), SZ 34589 en SZ 36886 (beide eveneens coll. RCE), die zijn ook alle in olieverf gemaakt. Daan van Golden leerde op dat moment wat hij zelf nog steeds ziet als een van de weinige wetmatigheden in het kunstenaarschap: als je niet weet wat je moet maken, is het raadzaam aan het werk te gaan. 9

Zie ook Buddha 1973-1974 onder § 1.1 Schilderkunst.


Notes

1 Gesprekken H. Janssen met D. van Golden: 0033 datum: 040116 / 040127

2 Gesprekken H. Janssen met D. van Golden: 0048 datum: 040116 

3 Gesprekken H. Janssen met D. van Golden: 0016 datum: 030318 / 040115

4 Gesprekken H. Janssen met D. van Golden: 0063 datum: 030318 / 040127

5 Gesprekken H. Janssen met D. van Golden: 0054 datum: 021119 / 040116

6 Gesprekken H. Janssen met D. van Golden: 0049 datum: 030416 / 031212 / 040116

7 Gesprekken H. Janssen met D. van Golden: 0051 datum: 021119 / 040116

8 Gesprekken H. Janssen met D. van Golden: 0051 datum: 021119 / 040116

9 Gesprekken H. Janssen met D. van Golden: 0011 datum: 030205 / 040115